Liedteksten

Psalm 80 : 1,2

1.
O herder, die uw volk wilt leiden,
als schapen Israël wilt weiden,
die Jozef als uw kudde hoedt,
verhoor ons, HERE, wees ons goed.
Gij, die uw troon op cherubs sticht,
verschijn ons in uw blinkend licht.

2.
Kom Efraïm uw sterkte tonen,
doe Benjamin weer veilig wonen.
Bevrijd Manasse, wend ons lot,
kom tot ons met uw heil, o God.
Verlos ons, toon ons ’t lieflijk licht
van uw vertroostend aangezicht.


Psalm 80 : 10

10.
Doe ons uw kracht ten leven blijken,
dan zullen wij van U niet wijken.
Dan wordt uw naam door ons geëerd,
o HEER, die alle ding regeert.
Verlos ons, toon ons ’t lieflijk licht
van uw vertroostend aangezicht.


Kinderlied: Geen tekst aanwezig

 

LB 896 : 1-7

1.
Wie heeft zijn geld verloren,
het goed waarvan hij leeft
en zoekt niet uitentreuren
tot hij gevonden heeft.

2.
Wie heeft een kind verloren
en zoekt niet overal
met handen, ogen, oren
en tranen zonder tal.

3.
Wie heeft zijn God verloren
en zoekt niet her en der
op aarde, in de hemel,
geen verte gaat te ver.

4.
Als zo de mensen leven
en zoeken is hun lot
en vinden is hun zegen:
hoeveel te meer dan God.

5.
Hij ziet ons al van verre
omdat Hij ons bemint
en liever dan de sterren
is Hem een mensenkind.

6.
En voordat wij Hem zoeken,
zijn wij gezocht door Hem
en nu wij om Hem roepen
geeft Hij ons deze stem.

7.
En wie het wordt gegeven
bespeurt Hem overal
in woorden allerwegen,
in mensen zonder tal.


LB 400 : 1-5

1.
Voordat ik kan ontvangen brood en wijn
en delen in de maaltijd van de Heer,
erken ik wat er donker is in mij
en leg dat neer.

2.
Het woord van steun en troost dat ik niet sprak,
de hand die ik in trots niet reiken kon,
de vriendschap die in drukte onderging –
ik leg het neer.

3.
Mijn blik, soms onverschillig afgewend,
mijn wil zo fel aan anderen opgelegd,
elk spottend woord waarmee ik heb gekwetst –
ik leg het neer.

4.
In deze kring ziet Christus zelf mij aan.
Ik vraag en schenk vergeving ieder hier,
dat alles wat zijn vrede tegenwerkt
wordt neergelegd.

5.
Heer Jezus, deelgenoot aan deze dis,
ik maak mij leeg en strek mijn handen uit
naar U, naar alles wat U geven wilt
in brood en wijn.


Psalmen voor Nu 23 : 1-2

1.
De Heer is mijn herder, en ik zal zijn schaap zijn
tevreden en veilig, want hij zorgt voor alles;
hij weet waar het gras groeit, en hij laat me slapen
aan rimpelloos water. Daar kom ik tot rust.
Ik durf hem te volgen: de paden zijn veilig
zoals hij beloofd heeft, omdat hij de weg weet.
Hoe diep en hoe donker het dal is, u redt mij;
Uw herdersstaf troost mij. Ik ben niet alleen.

2.
Ik zit aan uw tafel, persoonlijk genodigd;
Ik zie voor het raam de jaloerse gezichten,
terwijl u mijn glas vult, mijn lichaam verzorgt met
veel meer dan ik ooit had gehoopt of verwacht.
Uw goedheid ervaar ik. Zolang ik zal leven,
wilt u van uw heerlijke liefde mij geven
En altijd een plek met uw rust in mijn wereld,
omdat ik uw huis weet te vinden, mijn Heer.
En altijd een plek met uw rust in mijn wereld,
omdat ik uw huis weet te vinden.


Opwekking 510 : 1-2

1.
Dit is mijn verlangen: U prijzen, Heer;
met mijn hele hart aanbid ik U.
Al wat binnen in mij is, verlangt naar U;
alles wat ik vinden wil, is in U.

2.
Heer, ik geef U mijn hart,
ik geef U mijn ziel;
ik leef alleen voor U.
Leid de weg die ik ga
elk moment dat ik besta;
Heer, doe uw wil in mij.
Heer, doe uw wil in mij.